Meestal ben je met een paar gram aan drijfvermogen (0-2 gr) al ruim voorzien voor het vissen met een karper dobber.
Ergens een zware dobber aan hebben is een bekend spreekwoord in de Nederlandse taal. Wie ergens een zware dobber aan heeft, heeft het moeilijk. Dat kan zijn met een bepaalde activiteit, maar je kunt ook aan andere personen een zware dobber hebben.
Qua drijfvermogen, kies een dobber van tussen de 20 en 30 gram. Zwaarder is niet nodig, de kans is groter dat de vis daar weerstand van gaat voelen en de aasvis loslaat. Het lood bestaat uit een simpel schuifloodje van rond de 10 gram, uitgaande van een 20 grams dobber (de aasvis heeft ook gewicht).
Voor echt diep en hard stromend water geniet een 4 tot 5 grams stroomdobber met bolrond drijfli- chaam, dikke bovenantenne en tot wel meer dan 20 centimeter lange stalen onderantenne de voorkeur. Voor het geval dat je in extreme omstandigheden vist, zijn dergelijke dobbers er zelfs voor wel 10 gram loodgewicht!
Stokdobbers: Lang en dun, ideaal voor stilstaand water. Ze zijn zeer gevoelig en perfect voor kleine vissen zoals voorn of brasem. Wagglers: Veelzijdig en geschikt voor zowel stilstaand als langzaam stromend water. Ze kunnen ver geworpen worden en zijn makkelijk af te stellen.
Hoe vang je vis? De beste visstekken vind je bij beschutte plekken als een brug, steiger of vlonder. Werp wat lokvoer in het water om de vissen aan te trekken.Bevestig een dobber en vishaak aan het einde van je lijn, hang aas aan de haak en gooi je hengel uit.
Een zware dobber aan iets hebben betekent 'het moeilijk hebben met iets (bijvoorbeeld een opdracht, een wedstrijd, een examen) of iemand'. Ook de variant een harde dobber aan iets hebben komt voor.
Peil eerst met een peilloodje hoe diep het water is. Dit doe je door het peilloodje aan de haak te haken. Gooi vervolgens langzaam je lijn in het water op de plek waar je wil gaan vissen. Als het peilloodje op de grond 'staat' en je dobber boven het water zichtbaar is, dan staat de dobber te diep afgesteld (1).
Bij sommige hengels zijn visdobbers ook echt nodig.Zonder dobber kun je dan niet vissen. Welke visdobber je gebruikt hangt af van een aantal factoren.
Als je dobber plat blijft liggen op het water, dan moet je dobber wat naar beneden schuiven in de richting van de haak. Duikt je dobber onder water dan moet je de dobber juist iets omhoog schuiven. Net zolang tot hij mooi staat. Je dobber is dan afgesteld voor het vissen op de bodem.
Niet te vast, want de loodjes moeten wel over de lijn kunnen schuiven. Met dat totaal van 0,6 gram lood staat de pen nog net met de bovenste rand van het drijflichaam en de gehele rode antenne boven water. Je zou dus geneigd kunnen zijn om nog 0,15 gram toe te voegen om aan die 0,75 gram te komen.
Er zijn peervormige dobbers, voor wanneer je op grote diepte vist of in omstandigheden met sterke wind en stroming. Stokdobbers zijn lang en dun, ideaal voor stilstaand water en lichte wind. Wagglers met hun kenmerkende rechte lijn, zijn zeer veelzijdig en kunnen in vele situaties worden gebruikt.
Een BMI lager dan 18.5: ondergewicht. Een BMI vanaf 18.5 tot 25: normaal. Een BMI vanaf 25 tot 30: overgewicht. Een BMI hoger dan 30: obesitas.
Als het kniediep is, dan is een paar voet voldoende tussen de dobber en de haak. Als het tot aan je middel komt, dan kan je dobberdiepte tussen de 3 en 4 voet zijn. Als je helemaal onder water zou zijn, begin dan op zes voet en werk je omhoog. Deze schattingen variëren natuurlijk enigszins op basis van de lengte van de visser.
steeds een loodje erbij, tot je de dobber goed vind staan. Doe er niet 1 loodje aan maar enkele totdat de dobber langzaam zinkt. Het lichtste loodje het dichts bij de haak. Dan als je gaat vissen doe je het lichtste loodje ongeveer 5 cm van de haak af en dan uitloden totdat de dobber mooi staat.
Meestal start ik op ongeveer 10cm van de haak, maar soms als de vis echt niet mee wil, gaat dit tot zelfs tot 40cm.
Laat de vislijn met het peilloodje het water inzakken onder de top van jouw hengel. Als de dobber onder water staat zet je de dobber wat omhoog. Als de dobber boven water staat of plat ligt op het water zet je de dobber een stukje omlaag. Blijf de dobber verschuiven totdat alleen de antenne van de dobber bovenwater ...
Hiervoor gebruik je het peilloodje met een kurk of schuimrubberen bodem. Steek je haak door het oogje aan de bovenkant en prik hem in het schuim/kurk aan de onderkant. Als je het peilloodje naar de bodem laat zakken, kun je precies zien of je dobber zinkt of boven het water uitkomt.
Waar komt de uitdrukking 'Dat kan niet door de beugel' vandaan en wat wordt ermee bedoeld? 'Dat kan niet door de beugel' betekent 'dat kan er niet mee door', 'dat mag niet, dat zijn verkeerde praktijken'.
Bevestig 1 of 2 zinkers, 6 tot 12 inch boven de haak . Dit gewicht houdt uw aas of lokaas in het water en helpt het weg te slingeren van de oever. Een dobber laat u weten wanneer vissen bijten, omdat hij op en neer beweegt in het water terwijl vissen aan het aas knabbelen.
Boterzuur wordt door veel vissers (óók witvissers en roofvissers) gezien als een van de betere attractoren die er bestaan. Met name op water waar dit goedje nog niet (vaak) is toegepast. De attractieve werking zelf wordt op verschillende wijzen uitgelegd.
Dat kunstaas vissen in de vroege ochtend als beste tijd wordt gezien is niet vreemd. Het is dan nog vaak rustig aan de waterkant en er is geen lawaai door mensen, dieren, en voertuigen. Na de nacht gaan roofvissen zoals snoek, snoekbaars en baars dan vaak op jacht.