De wettelijke indexering voor partner- en kinderalimentatie in 2023 was vastgesteld op 3,4%. Voor consumentenprijzen (inflatie) bedroeg de stijging in 2023 gemiddeld 3,8%, terwijl specifieke sectoren zoals de zorg in 2023 een hogere indexatie kenden (bijv. 7,7% in bepaalde segmenten). Nederlandse Zorgautoriteit +3
Het indexeringspercentage van 7,1% dat op 1 juni 2023 van toepassing was, werd verlaagd naar 3,2% , en het indexeringspercentage van 4,7% dat op 1 juni 2024 van toepassing was, werd verlaagd naar 4%. De Australische belastingdienst (ATO) heeft de indexeringskortingen automatisch toegepast op de HELP-rekeningen van de in aanmerking komende personen.
3. GIBIT 2023: o Voor GIBIT 2023 contracten geldt een maximale indexatie van 4,4% gebaseerd op het CBS-jaarprijsindexcijfer J6202 van het jaar 2023, mits voor 1 december 2024 door de leverancier aan u gecommuniceerd.
In januari 2023 was het indexcijfer 120,7. In januari 2024 wilt u uw nieuwe prijzen bepalen. De CPI is gestegen naar 126,0.
NVM-makelaars verkochten in het vierde kwartaal van 2023 bijna 36.500 bestaande koopwoningen, 12% meer ten opzichte van het vierde kwartaal 2022. De mediane verkoopprijs van een bestaande woning bedraagt in het vierde kwartaal van 2023 434.000 euro. Dat betekent voor het derde kwartaal op rij een prijsstijging.
Vooral de prijsontwikkeling van voedingsmiddelen droeg bij aan de inflatie in 2023. Voeding was in 2023 gemiddeld 12,1 procent duurder dan een jaar eerder. De prijsstijging op jaarbasis is daarmee nog iets hoger dan in 2022, toen voedingsmiddelen 10,8 procent duurder werden in een jaar tijd.
Het percentage waarmee de alimentatie moet worden verhoogd noemen we het indexeringspercentage. De Minister van Justitie stelt jaarlijks rond half november het indexeringspercentage voor het daaropvolgende jaar vast en publiceert dit in de Staatscourant en de landelijke dagbladen.
Inflatie: gemiddeld 1,9% in 2026 en 1,6% in 2027, tegenover 2,47% in 2025 en 3,14% in 2024. Groei van de gezondheidsindex: gemiddeld 2,1% in 2026 en 1,7% in 2027, tegenover 2,63% in 2025 en 3,28% in 2024.
Vanaf 2026 gaan de consumentenprijsindex (CPI) en de Europees geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP) over op een nieuw basisjaar, van 2015=100 naar 2025=100.
De gemiddelde CPI inflatie in Nederland in 2023 was 3.9%.
Bij een gemiddelde jaarlijkse inflatie van 3.93% neemt de koopkracht van je vermogen met 50% af binnen een periode van 18 jaar.
Na gezakt te zijn naar gemiddeld 2,3 % in 2023, steeg de totale inflatie opnieuw in het eerste (3,0 %) en in het tweede kwartaal van 2024 (5,1 %), om dan licht te vertragen in het derde en het vierde kwartaal (respectievelijk naar 4,7 % en 4,6 %). De totale inflatie bleef niettemin relatief hoog in 2024.
Ieder jaar worden zowel de kinder- als de partneralimentatie een stukje hoger. Dit heet de indexering. Het is wettelijk bepaald dat de alimentatiebedragen jaarlijks worden aangepast. De reden hiervan is dat de prijzen en lonen elk jaar stijgen door inflatie.
De prijs van een product dat 10 jaar geleden €100 kostte, is de afgelopen 10 jaar gemiddeld met 3,12% per jaar gestegen.
Voor 2023 betekent dit, dat de lonen met 14,3% verhoogd moeten worden om de koopkracht van mensen op peil te houden. Uiteindelijk wil de FNV automatische prijscompensatie in alle cao's ingevoerd zien, zodat mensen voortaan standaard kunnen rekenen op behoud van hun koopkracht.
Consumentengoederen en -diensten in Nederland zijn volgens de HICP in 2025 gemiddeld 3,0 procent duurder geworden. In 2024 was de inflatie volgens de HICP 3,2 procent. De inflatie in de eurozone daalde volgens voorlopige cijfers van 2,4 procent in 2024 naar 2,1 procent in 2025.
De inflatie zorgt voor een verlaging van de koopkracht voor hetzelfde loon als het jaar ervoor. De indexatie kan gezien worden als een inflatiecorrectie, waardoor het loon stijgt en de koopkracht dus gelijk blijft. De indexering hoeft niet gelijk te zijn aan de inflatie.
Voorbeeld 1
De prijs van een betonvloer stijgt in een jaar tijd van € 42,- tot € 45,-. Het prijsindexcijfer bereken je dan als volgt: ( €45 / € 42 ) x 100 = 107,1. Het indexcijfer 107,1 geeft aan dat de prijs van een betonvloer in het betreffende jaar met 7,1 procent (= 107,1 – 100) is gestegen.
Het basisjaar heeft altijd een index van 100. Als je een indexcijfer van 105 krijgt, wil dat zeggen dat iets met 5% is gestegen ten opzichte van dit basisjaar. Een indexcijfer van 95 geeft aan dat iets met 5% is gedaald ten opzichte van het basisjaar.
Of €30.000 overbieden veel is, hangt sterk af van de vraagprijs en locatie: bij een huis van €300.000 is 10% (€30k) veel, terwijl het bij een huis van €600.000 (5%) in een populaire buurt vaak normaal is en zelfs 10-15% (tot €90k) voorkomt in de huidige oververhitte markt, vooral in de Randstad. Het is dus essentieel om de regionale markt te kennen en je maximum te bepalen, aangezien 5-10% overbieden vaak nodig is.
De huizenprijzen stijgen naar verwachting verder in 2026, maar in een gematigder tempo dan in de voorgaande jaren, met voorspellingen die variëren van ongeveer 3% tot 6%. Deze afvlakking komt door meer aanbod (door beleggers die verkopen) en strengere regelgeving, terwijl het tekort aan woningen en inkomensgroei de prijzen opdrijven.
De daling kwam ten einde in de zomer van 2023, mede doordat de rente niet verder steeg en inkomens begonnen te stijgen. Met een hoger inkomen kunnen mensen meer lenen voor de aanschaf van een woning.