Katten kunnen over het algemeen goed tegen kou dankzij hun wintervacht, maar ze zijn er niet dol op en zoeken graag warmte op. Ze kunnen prima even naar buiten, mits ze zelf kunnen schuilen of naar binnen kunnen. Let op bij extreme kou (vrieskou), natte vacht, kittens of oudere katten, omdat het risico op onderkoeling dan toeneemt. De Dierenkliniek +5
Te koud voor een kat is onder de 7°C, waarbij gevaar voor onderkoeling ontstaat bij langere blootstelling, vooral bij natte vacht, en bij temperaturen onder het vriespunt (-0°C) het verstandig is katten binnen te houden; kittens, ouderen, zieke katten en naaktkatten zijn extra gevoelig en hebben het bij hogere temperaturen (rond 15-18°C) al koud.
Het antwoord op de vraag of katten in de winter buiten kunnen slapen is: nee. Want kou, vocht, wind en sneeuw zijn niet goed voor een kat. Daar kan hij onderkoeld van raken. Zelfs katten die vaak buitenkomen hebben in de winter een warme en beschutte plek nodig om te slapen.
Wanneer het vriest kan een kat gewoon naar buiten, mits hij dit gewend is. Katten die nooit buiten komen, ziek zijn, of erg jong of zeer oud zijn, moeten binnen blijven als het vriest. Let goed op als er op sloten en vijvers een dunne laag ijs ligt. Ook een kat kan door het ijs zakken en verdrinken.
Hoewel katten wellicht kunnen overleven in de kou, is het niet aan te raden en ook niet diervriendelijk om ze buiten te laten. Zelfs huisdieren die zowel binnen als buiten komen, moeten binnen worden gehouden zodra de temperatuur onder de 7 graden Celsius komt.
Omdat katten beter in staat zijn om zelf een schuilplaats te zoeken (en ze passen in kleine, beschutte ruimtes) , hebben ze minder last van de gevolgen van vrieskou . Toch kunnen temperaturen onder nul ernstige medische problemen veroorzaken, zoals bevriezing en onderkoeling, die beide dodelijk kunnen zijn.
Katten kunnen heel goed tegen de kou. Zorg dat je kat altijd weer naar binnen kan via een kattenluikje. Katten zoeken warme plekjes op zoals onder de voorkant van je auto. Kijk in de winter altijd even onder je motorkap.
De 3-3-3 regel voor katten is een richtlijn voor de aanpassingsperiode in een nieuw huis: 3 dagen om te acclimatiseren (vaak angstig, verstopt), 3 weken om routines te leren en zich comfortabeler te voelen (persoonlijkheid komt naar boven), en 3 maanden om zich echt thuis te voelen, vertrouwen op te bouwen en de ware persoonlijkheid te tonen. Deze regel helpt eigenaren met realistische verwachtingen, waarbij geduld en het bieden van een veilige ruimte cruciaal zijn.
Laat uw kat alleen overdag buiten en houd hem 's nachts binnen. In het donker schuilen extra gevaren voor uw kat. Er zijn meer zwerfdieren actief en uw kat kan verblind worden door de koplampen van het verkeer.
Nierziekte is de belangrijkste doodsoorzaak bij katten, en het is belangrijk om de symptomen te herkennen zodat u uw kat zo snel mogelijk kunt helpen. Symptomen zijn onder andere verhoogde dorst en frequent urineren, gewichtsverlies, braken en diarree.
Isoleer de schuilplaats met stro om vocht af te weren .
Ze zuigen vocht op als een spons en maken de schuilplaats nat en koud. Leer het verschil tussen stro en hooi. Je kunt schuilplaatsen ook bekleden met mylar-dekens, die kenmerkende zilverkleurige dekens die stralingswarmte reflecteren. Leg stro bovenop de deken.
Denk hierbij aan een beschut hoekje onder de carport, in de schuur of garage. Je kat zal hier een fijn plekje zoeken en zich opkrullen om warm te blijven. Wanneer je meerdere katten hebt zullen zij 's winters daarnaast vaak samen slapen om warm te blijven.
Let op tekenen van onderkoeling, zoals trillen, lusteloosheid en een verlies van eetlust. Als je vermoedt dat je kat onderkoeld is, neem dan onmiddellijk contact op met een dierenarts. Verder is het belangrijk om ervoor te zorgen dat je kat voldoende lichaamsbeweging krijgt, zelfs tijdens koude dagen.
Voor gezonde, volwassen katten: kies een nachttemperatuur in huis die niet meer dan 5 graden kouder is dan de temperatuur in huis overdag en zorg voor een slaapplek waar het tenminste 15 graden blijft. Voor katten met een dunne vacht (bv. rex, siamees): zorg voor een slaapplek waar het tenminste 18 graden blijft.
De 3-3-3-regel suggereert dat een kitten drie verschillende aanpassingsfasen doorloopt gedurende specifieke periodes wanneer het in een nieuwe omgeving terechtkomt : 3 dagen: De eerste periode van 'shock en ontzag'. 3 weken: De fase van wennen en verkennen. 3 maanden: De fase van volledige integratie en comfort.
Het kan zijn dat katten in de winter meer slapen om energie te besparen, of vanwege de kortere dagen, of juist actiever zijn om hun lichaamstemperatuur op peil te houden . Sommige katten blijven liever binnen, terwijl andere katten in de kou nog steeds graag naar buiten gaan.
Niet iedere kat is geschikt om volledig binnen te houden.
Als je een binnenkat wil, kies je het best voor een ras dat bekend staat om huiselijkheid. Perzen en ragdolls hebben bijvoorbeeld minder behoefte om naar buiten te gaan. Zij liggen liever binnen en spenderen het liefst zoveel mogelijk tijd met hun baasjes.
Waar slapen buitenkatten graag? Als een kat een plekje zoekt om zich op te krullen en een dutje te doen of 's nachts uit te rusten, zoekt ze een afgelegen, privélocatie. Je kunt een buitenkat bijvoorbeeld aantreffen onder een veranda, onder een auto, in de kruipruimte van je huis of verscholen in een bijgebouw zoals een garage, schuur of loods .
Katten houden van warme en zachte plekken om te slapen. Het liefst slapen ze in een fijne kattenmand of op een warme deken. Of gezellig bij de baasjes op de bank of in bed. Maar er zijn ook katten die het fijn vinden om op een hoge plek te slapen.
Onderzoek naar het geheugen van katten heeft aangetoond dat ze in staat zijn om gebeurtenissen en mensen te herinneren. Een studie uitgevoerd aan de Universiteit van Michigan toonde aan dat katten herinneringen kunnen vormen die tot wel tien jaar kunnen duren.
Hoewel sommige katten meteen op ontdekkingstocht willen gaan, kiezen veel katten ervoor om zich een paar uur, of zelfs langer, te verstoppen . Daarom raden we aan om, wanneer je je kat voor het eerst mee naar huis neemt, hem of haar eerst naar een rustige kamer te brengen waar de belangrijkste spullen klaarstaan, en hem of haar daar uit de reismand te laten.
De wilde kat is een solitair dier en onze huiskat is ook het liefst alleen. Neem zeker geen tweede kat in huis om je andere kat 'een plezier te doen', zeker niet als je andere kat volwassen is en al lang bij jou woont! Twee (of meer) katten doen samenleven is nooit gemakkelijk, tenzij ze samen zijn opgegroeid.
Katten vinden een temperatuur van 21-22 graden vaak aangenaam en onder de 10 graden wordt het echt te koud voor ze.
Hoe koud is te koud voor katten? Katten lopen risico op onderkoeling wanneer de temperatuur onder de 7 °C (45 °F) daalt, en alles onder de 0 °C (32 °F) kan levensbedreigend zijn, vooral voor kittens, oudere katten of zieke katten.
Symptomen van kattenziekte (panleukopenie) omvatten braken, bloederige diarree, hoge koorts, extreme sloomheid, en weigeren te eten en drinken, wat snel leidt tot uitdroging; kittens zijn het meest kwetsbaar, en de ziekte kan plotseling optreden en zeer ernstig zijn. Andere tekenen zijn buikpijn (gehurkte houding) en een extreem lage witte bloedcelstand (panleukopenie), wat de kat vatbaar maakt voor andere infecties.