Ja, hun is een correct Nederlands woord. Het wordt gebruikt als bezittelijk voornaamwoord (hun huis) of als meewerkend voorwerp zonder voorzetsel (ik geef het hun). Het gebruik van hun als onderwerp van een zin (bijv. "hun hebben") wordt echter als een ernstige taalfout beschouwd. Onze Taal +3
Als bezittelijk voornaamwoord is hun goed: 'Dit is hun boek', 'Hun huis staat daar. ' Kun je hun vervangen door mijn of zijn (ook bezittelijke voornaamwoorden), dan is hun altijd goed.
“Hun” kun je gebruiken als bezittelijk voornaamwoord. Dan verwijst het woord altijd naar meerdere personen. Als persoonlijk voornaamwoord kun je “hun” gebruiken wanneer je er een voorzetsel bij kunt bedenken, zoals aan, van of voor. Als er daadwerkelijk een voorzetsel staat, moet je “hen” gebruiken.
Is hun hebben tegenwoordig ook goed? Nee, hun als onderwerp (hun zijn, hun doen, hun zeggen, hun hebben, enz.) geldt nog steeds als een flinke taalfout. Een zin als 'Hun hebben dat gedaan' is volgens de taalnorm nog steeds een ernstige en lelijke fout.
Je gebruikt hun ten eerste als bezittelijk voornaamwoord. Een bezittelijk voornaamwoord geeft aan dat iets een bezit is van iemand, zoals jouw, mijn, zijn, haar of hun: Hun Nederlandse boeken zijn al binnen.
Wanneer mag je wel hun gebruiken? In een aantal gevallen mag je gewoon hun blijven zeggen: Als het gaat om een bezittelijk voornaamwoord: het is hun boek. Meewerkend voorwerp zonder voorzetsel: Ik geef hun het boek / Ik geef het boek aan hen.
Gebruik hun bij een meewerkend voorwerp (zonder voorzetsel). Gebruik hen na een voorzetsel en in alle andere gevallen.
Je gebruikt hun als een meewerkend voorwerp, bijvoorbeeld in de zin: Ik geef hun nog een kans. Je gebruikt hen als een lijdend voorwerp, bijvoorbeeld in de zin: Ik geloof hen. Als je twijfelt, kun je in beide gevallen hun en hen vervangen door ze.
Top 10 meest voorkomende taalfouten in het Nederlands
Wanneer gebruik je 'there', 'their' en 'they're'? Als je een zin inleidt of over een bepaalde locatie spreekt, is 'there' het juiste woord . Als je een zelfstandig naamwoord beschrijft dat van iemand is, is 'their' het juiste woord, de bezittelijke vorm in de derde persoon van 'they'.
Volgens het boek Geschiedenis van het Nederlands in de twintigste eeuw kwamen hun en hen van oudsher in de meeste dialecten helemaal niet voor, maar werd altijd ze gebruikt.
Het onderscheid tussen de persoonlijk voornaamwoorden 'zij', 'hun' en 'hen' stamt volgens Jan Stroop nog uit de zeventiende eeuw, toen het Nederlands naamvallen kende. Aanvankelijk gebruikte elk dialect voor zowel het meewerkend voorwerp als het lijdend voorwerp ofwel 'hen' ofwel 'hun'.
Volkstaal in Suriname
Het is de verbindende taal geworden in deze smeltkroes van culturen; praktisch elke Surinamer spreekt (ook) Sranan. Het is een echte contacttaal met een eenvoudige grammatica en een beperkte woordenschat. Sranan wordt niet op scholen onderwezen.
Je gebruikt zij als het in de zin de persoonsvorm is. Je gebruikt hun als het in de zin het meewerkend voorwerp is. Zij gaan morgen met het hele team naar een restaurant. Ik heb hun een camera verkocht.
Het is vind jij (in een vraag) en jij vindt (in een bevestigende zin); de 't' valt weg als 'jij' achter de persoonsvorm staat in een vraag, omdat 'jij' dan het onderwerp is, terwijl 'jij vindt' correct is als 'jij' het onderwerp is dat voor de persoonsvorm staat (bv. "Jij vindt dat mooi"). De correcte vorm in een vraag is dus altijd de stam: Vind jij.
UNESCO geeft de eer aan wie die toekomt: Chinees is officieel de moeilijkste taal ter wereld.
Meteorologisch is het moeilijkst uit te spreken Nederlandse woord, volgens taalkundigen. De taalorganisatie Onze Taal heeft via haar Facebookpagina een lijst samengesteld met de 10 moeilijkste Nederlandse woorden en mensen aangemoedigd om te stemmen.
'Meteorologisch' moeilijkst uitspreekbare woord. 'Meteorologisch' is het moeilijkst uit te spreken woord in het Nederlands. Dat zegt het Genootschap Onze Taal in het radioprogramma De Taalstaat.
Soms wordt 'them' gebruikt waar 'their' ook zou kunnen, zoals in zinnen als deze: Heb je gehoord dat ze verdwaald zijn? Historisch gezien werd het als correcter beschouwd om 'their' voor gerundia te gebruiken (bijvoorbeeld 'getting' in het voorgaande voorbeeld), maar het gebruik van 'them' is nu gebruikelijker en klinkt vaak natuurlijker.
hun pronoun Uitspraak: [ hʏn ] 1) <je zegt dit als iets van meer mensen is> Voorbeeld: 'De buren hebben hun huis verkocht. ' 2) <je zegt dit als je over meer mensen praat> aan of voor betrokkenen Voorbeeld: 'Ik heb hun mijn huisadres gegeven.
Volgens de strikte regel hoort bij het werkwoord ontgaan de vorm hun van het persoonlijk voornaamwoord, aangezien er geen sprake is van een lijdend voorwerp, maar van een ondervindend voorwerp.
De persoonlijke voornaamwoorden voor onderwerpen zijn ik, jij, hij, zij, het, wij en zij . Voor lijdend voorwerp zijn dat mij, jou, hem, haar, het, ons en hen.
Twijfel je of het hen/hun is? Verander de zin naar een zin met het woord 'worden'. Als in die nieuwe zin het onderwerp 'zij' is, dan weet je dat je in de oude zin 'hen' kunt gebruiken!
Hoewel oorspronkelijk meervoud, wordt "hun" vaak gebruikt in plaats van "zijn of haar" wanneer het geslacht van een persoon onbekend of irrelevant is . Dit is vooral gebruikelijk in gesprekken en informele teksten, maar het wordt nu ook aanbevolen in academische stijlen zoals de APA-stijl.