Onmiddellijk na de voetamputatie begint de weg terug naar het normale leven. Om weer snel te kunt lopen, fietsen of autorijden moet de wond goed helen en het spieren weer versterken. Dit vergt kracht en geduld. In de eerste weken zal blijken hoe goed u met de amputatie verder kunt leven.
Meestal is de wond binnen 4 weken na de operatie helemaal gesloten en zie je een litteken.Onder de huid gaat het genezingsproces nog ongeveer een half jaar verder.
Na de amputatie komt het geamputeerde lichaamsdeel eerst terecht op de afdeling Pathologie in het ziekenhuis. Hier wordt onderzoek gedaan naar het weefsel van de ledemaat. Tot het onderzoek is afgerond wordt het geamputeerde lichaamsdeel hier bewaard.
U kunt weer gewoon bewegen met of zonder loophulpmiddel (bijvoorbeeld een rollator of krukken). De arts adviseert u hoeveel u de voet mag gebruiken. Als u thuis een trap heeft, kunt u traplopen. Als u dit niet kunt, moet er beneden een bed voor u staan.
Uw revalidatie begint kort na de ingreep. De focus ligt eerst op verplaatsingen van bed naar zetel en toilet en op wassen en kleden, alsook gebruik van de rolstoel of krukken. Wanneer u voldoende hersteld bent van de ingreep, kan u naar huis gaan of verder revalideren in het revalidatiecentrum.
Na een voetamputatie krijgt u waarschijnlijk verband, een hard verband of een gipsverband over het resterende deel van uw been of voet.Het been of de voet kan 4 weken of langer na uw operatie gezwollen zijn .
U kunt na de operatie last hebben van pijn aan de stomp.Een bijzonder en hinderlijk verschijnsel waar u na de amputatie last van kunt hebben, is fantoompijn of fantoomsensatie. Hierbij lijkt het alsof het geamputeerde lichaamsdeel er nog helemaal is.
Onmiddellijk na de voetamputatie begint de weg terug naar het normale leven. Om weer snel te kunt lopen, fietsen of autorijden moet de wond goed helen en het spieren weer versterken. Dit vergt kracht en geduld. In de eerste weken zal blijken hoe goed u met de amputatie verder kunt leven.
Uw herstel
U heeft mogelijk hechtingen of hechtingen. De arts zal deze waarschijnlijk ongeveer 10 dagen na de operatie verwijderen. U moet mogelijk ongeveer 2 tot 4 weken een gipsverband of een speciaal soort schoen dragen. U denkt misschien dat u gevoel of pijn hebt waar uw teen heeft gezeten.
Na een amputatie kunnen verschillende soorten pijn optreden in uw stomp. Denk hierbij aan botpijn, wondpijn, zenuwpijn of fantoompijn. Elk type pijn wordt behandeld op basis van de oorzaak. Er zijn verschillende behandelmogelijkheden, zoals medicatie, verwarmen/koelen of het zwachtelen van de stomp.
Genezing van de wond op de amputatieplek vindt doorgaans plaats binnen 3-4 weken . Het litteken heeft aanzienlijk langer nodig, ongeveer 12 tot 18 maanden, om aan de binnenkant te genezen. Wondbehandeling in deze vroege fase is erg belangrijk om genezing van het onderliggende zachte weefsel te bevorderen en het risico op infectie te verminderen.
Duur van de operatie
De operatieduur is afhankelijk van het niveau van de amputatie, maar duurt minimaal een uur.
Bij een amputatie wordt een deel van het lichaam afgezet, bijvoorbeeld een teen, voet, been, vinger of arm. Dit gebeurt alleen als er sprake van zodanige weefselschade dat niet amputeren levensbedreigend is. Met een amputatie zult u afstand moeten doen van een deel van uw lichaam.
Amputatie is hierbij noodzakelijk omdat door vernauwing of afsluiting van de beenslagaders het betreffende lichaamsdeel dreigt af te sterven. Een amputatie kan daarentegen ook het gevolg zijn van, of noodzakelijk zijn na, een ongeluk (trauma), een infectie, een tumor, een verbranding of bevriezing.
In 90 procent van de gevallen is amputatie nodig vanwege problemen met de bloedvaten. De andere 10 procent komt door een ongeluk, na een infectie, een tumor, een verbranding of bevriezing. U ligt 7 tot 10 dagen in het ziekenhuis.
Gebruik zeep en water op een gaasje of een schone doek om uw wond te wassen . Begin aan het ene uiteinde van de wond en maak het schoon tot het andere uiteinde. Zorg ervoor dat u alle drainage of opgedroogd bloed wegspoelt. Schrob de wond niet hard.
Mag ik autorijden nadat ik een ledemaat heb verloren? Gratis bellen: 888/267-5669 Pagina 2 / Mensen met amputaties aan de bovenste of onderste ledematen kunnen nog steeds autorijden . Afhankelijk van uw verwonding en prothese moet u mogelijk een automatische transmissie kiezen en aanpassingen aan de auto doen om veilig te kunnen rijden.
REVALIDATIE MET PROTHESE
Uw revalidatie start meteen na de amputatie, eerst zonder prothese in de thuissituatie of in het ziekenhuis. Deze opname duurt enkele weken tot maanden, afhankelijk van het amputatieniveau, de algemene toestand en doelen van de revalidant.
Dien nu een aanvraag in als: Uw amputatie tot de typen behoort die de SSA in aanmerking laat komen voor invaliditeit. De beperkingen en complicaties die u ervaart door uw amputatie hebben geduurd of naar verwachting zullen duren gedurende een aaneengesloten periode van ten minste 12 maanden .
Gemiddeld duurt de eerste fase van de behandeling 3 maanden.Als u daarna voor een prothese kiest dan zal de revalidatiebehandeling die daarbij hoort ook ongeveer 3 maanden langer duren.
In de regel is de voet met een op maat gemaakte gedeeltelijke voetprothese weer belastbaar. U kunt veilig staan en lopen . Als de enkel ook geamputeerd is, maar de knie niet, is er sprake van een transtibiale amputatie. Bij een transfemorale amputatie is ook de knie aangetast.
Zwelling van de voet: komt zeer vaak voor en zal meestal 2 tot 4 maanden aanhouden.
Op dit moment is de standaard dat een chirurg de uiteinden van de doorgesneden zenuwen afbindt of doorbrandt. Daardoor blijft zenuwletsel achter in de stomp. In ruim de helft van de gevallen lijdt dat tot postamputatiepijn zoals fantoompijn, de pijn die iemand voelt in een geamputeerd lichaamsdeel.
De reden om een amputatie uit te voeren kan verschillend zijn. Meestal is er sprake van ernstige weefselschade waarbij geen genezing te verwachten is. Infectie van dit weefsel kan tot bloedvergiftiging leiden. Ook kunnen pijnklachten aanleiding zijn om een aangedane teen te amputeren.
Afstervingsproces Als er nauwelijks doorbloeding is, is de kans op wondjes en infecties groot. Wanneer deze infectie zich uitbreidt kan het weefsel afsterven, wat zich uit in donkerblauwe of zwarte verkleuringen. Dit wordt necrose (bij een droge wond) of gangreen ('koudvuur', bij een natte wond) genoemd.