Met een beenmergpunctie of botbiopsie kan een arts zien hoe goed uw lichaam nieuw bloed maakt. Bij een beenmergpunctie haalt een arts met een naald een beetje beenmerg uit het lichaam. Soms haalt de arts ook een stukje bot uit het lichaam. Het laboratorium onderzoekt het weggehaalde beenmerg of bot.
Het opzuigen van het beenmerg is even onaangenaam, maar duurt slechts een enkele seconde, en de patiënt wordt altijd van tevoren gewaarschuwd. In sommige gevallen moet meerdere malen opgezogen worden, omdat het beenmergmateriaal voor verschillende onderzoeken gebruikt moet worden.
In het beenmerg worden alle bloedcellen aangemaakt. Het beenmerg bevindt zich bij volwassenen vooral in het bekken, de ribben en in het borstbeen. Als er een verdenking is op een verstoorde aanmaak van de bloedcellen, kan het nodig zijn het beenmerg te onderzoeken.
Laboratoriumonderzoek van uw beenmerg kan nodig zijn om vast te stellen of uit te sluiten dat er iets mis is met de aanmaak van uw bloed. Beenmergonderzoek kan ook uitgevoerd worden om het effect van uw behandeling te beoordelen.
Door de in het beenmerg ingebrachte naald worden met een spuit losse beenmergcellen opgezogen (dit ziet eruit als bloed), dit heet een beenmergpunctie. Het beenmergaspiraat kan gebruikt worden voor diverse onderzoeken: Morfologisch onderzoek, hierbij wordt gekeken naar de vorm en structuur van de beenmergcellen.
U krijgt een beenmergtest om te controleren of er kankercellen in uw beenmerg zitten . Beenmerg is sponsachtig weefsel en vloeistof dat zich in uw botten bevindt. Het maakt uw bloedcellen aan. Afhankelijk van uw type kanker kan deze test ook controleren hoe goed uw behandeling werkt.
De gezonde beenmergcellen worden “aangevallen” door de lymfocyten van het eigen afweersysteem. Door het tekort aan normale bloedcellen ontstaat bloedarmoede, ernstige, soms levensbedreigende infecties en spontane bloedingen.
Tijdens uw controle bezoek bespreekt de arts de uitslag met u. Meestal duurt het 2 weken voordat de uitslag bekend is.Enkele speciale uitslagen van onderzoeken van het beenmerg kunnen meer dan drie weken duren. Bent u opgenomen in het ziekenhuis, dan vertelt uw arts u de uitslag zodra deze bekend is.
Zonder autologe stamceltransplantatie kan het beenmerg niet herstellen van zo'n intensieve behandeling. Daarom krijgt u na de chemotherapie de geoogste stamcellen weer terug. Deze stamcellen moeten het beenmerg, dat door de chemotherapie beschadigd is, weer opbouwen.
Als je een vorm van bloedkanker hebt, ben je onder behandeling bij een hematoloog.
Het is een vorm van kanker. Het beenmerg maakt veel witte bloedcellen van één soort aan (monocyten) en vrijwel geen bloedplaatjes.
Bij een beenmergpunctie haalt de hematoloog wat beenmerg weg uit een van je botten. Hij of zij kijkt of er kankercellen in zitten. Je krijgt het onderzoek om erachter te komen of je de ziekte van Waldenström hebt.
De meest voorkomende klachten bij de ziekte van Waldenström is moeheid en bloedarmoede. Ook komen voor nachtzweten, bloedingen, vergrote milt en/of lymfeklieren en pijn en tintelingen aan de voeten. De ziekte kan niet genezen maar groeit bij de meeste patiënten traag. Daardoor is de levensverwachting meer dan 10 jaar.
Multipel Myeloom is niet te genezen. Het is meestal wel mogelijk om de ziekte langere tijd tot rust te brengen. U heeft dan minder klachten. Na een korte of langere tijd komen de klachten wel terug.
U houdt ongeveer 2 uur verplichte bedrust. Een verpleegkundige controleert dan regelmatig uw bloeddruk, hartslag en het door de punctie ontstane wondje. U mag een pijnstiller vragen aan de verpleegkundige (paracetamol).
De prognose van een patiënt met MDS hangt heel sterk af van het risico profiel. Dit varieert van gemiddeld meer dan 5 jaar tot gemiddeld minder dan een half jaar. Gezien de vaak hoge leeftijd zal een deel van de patiënten uiteindelijk overlijden aan een andere oorzaak.
Stamcellen uit het beenmerg
Bij een beenmergdonatie worden stamcellen met een dikke naald uit de achterkant van het bekken gehaald. In het bekken zit veel beenmerg, waardoor het makkelijk kan worden afgetapt. Bovendien is het een groot en stevig bot, waardoor zonder problemen beenmerg kan worden afgenomen.
Engraftment en naar huis gaan na beenmergtransplantatie
De situatie van elke patiënt is uniek, maar u kunt verwachten dat u 30 tot 60 dagen in het ziekenhuis of op de polikliniek doorbrengt voor uw transplantatie. Het doel van BMT is dat de gedoneerde cellen uw beenmerg binnendringen en nieuwe cellen gaan maken.
Door chemotherapie maakt je lichaam tijdelijk minder nieuwe bloedcellen aan. Daardoor kun je last krijgen van bloedarmoede, infecties en koorts, of bloedingen. Lees wat je daarvan kunt merken, en wanneer je contact moet opnemen met je arts. Aan je bloed kan de arts veel aflezen.
Beenmergfalen is een verzameling van aandoeningen, waarbij de aanmaak van een of meer cellen van het beenmerg is uitgevallen. Het gaat om uitval van de aanmaak van rode bloedcellen, witte bloedcellen en/of de bloedplaatjes. Dit kan tijdelijk, maar ook blijvend zijn.
Als de verdoving is ingewerkt, brengt de arts een holle naald in waarmee hij het beenmerg kan opzuigen. Dat geeft een kortdurend pijnlijk gevoel ter hoogte van het borstbeen of in het been (afhankelijk van de plaats waar de punctie wordt uitgevoerd). Dit duurt enkele seconden.
Bij hematologisch bloedonderzoek kijken we naar het aantal en de vorm van de verschillende typen bloedcellen en de hoeveelheid hemoglobine (een eiwit dat zuurstof transporteert) in het bloed.
Overleving bij erfelijke beenmergfalensyndromen hangt grotendeels af van de leeftijd op het moment van transplantatie, de ernst van de ziekte en de respons op de eerste therapie. De overlevingspercentages na tien jaar voor HSCT zijn respectievelijk 83%, 73%, 68% en 51% in het eerste, tweede, derde en vijfde decennium.
Klachten. Kinderen met leukemie kunnen last hebben van steeds terugkerende infecties en koorts, bloedarmoede, bloedneuzen, snel optredende blauwe plekken, kleine puntvormige paarsrode plekjes, lang nabloedende wondjes en botpijnen. Het is vooral de combinatie van deze klachten die op leukemie wijst.