Een Segond-fractuur is een kleine verticale avulsiefractuur (2-10 mm) van de laterale zijde van de proximale tibia bij de aanhechting van het anterolaterale ligament. De fractuur werd voor het eerst beschreven door Paul Segond in 1879.
Segondfracturen zijn een type avulsiefractuur aan de laterale zijde van de knie . Ze komen relatief vaak voor en worden sterk geassocieerd met een onderliggend letsel aan de voorste kruisband. Deze activiteit bespreekt de oorzaak, evaluatie, behandeling en prognose van Segondfracturen.
Als er bij de voorste kruisband operatie geen rekening wordt gehouden met deze structuren aan de buitenzijde van de knie, kan de nieuwe kruisband opnieuw scheuren. De chirurgische behandeling van deze structuren aan de buitenzijde van de knie heet en laterale tenodese – ook wel een Lemaire plastiek genoemd.
Een eminentiafractuur is een beenderige afrukking van de aanhechting van de voorste kruisband. Dit letsel ontstaat vaak na een plotse verandering in richting en snelheid tijdens sportactiviteiten of door een direct trauma op de knie.
Een tibiaplateau-fractuur is een fractuur ter hoogte van het kniegewricht van het onderbeen. Bij deze fractuur kan het bot gebroken zijn, maar bij een tibia-fractuur behoort ook een verbrijzeling tot de mogelijkheden.
Het kan tot 12 weken duren voor het tibiaplateau weer helemaal heel is.
Een botbreuk wordt ook wel fractuur genoemd. Om te begrijpen waarom botten breken, is het handig om te weten wat botten doen en waar ze van gemaakt zijn.
Door een aandoening, val of verdraaiing van de knie kan er een beschadiging van het kraakbeen optreden waardoor een gedeelte van het kraakbeen zacht wordt of loslaat.
Op jongere leeftijd is er een veel grotere kracht nodig om het spaakbeen te breken. Dit veroorzaakt dan uitgebreidere en in het gewricht doorlopende breuken. De 'Smith fractuur' komt veel minder vaak voor. Hierbij is de pols voorover geklapt, maar blijft de breuk buiten het gewrichtsvlak.
Bij een impressiefractuur is door plaatselijk inwerkend scherp geweld het schedelbot over enige afstand ingedrukt. De ingedrukte botsplinters kunnen de onderliggende hersenvliezen beschadigen en ook het onderliggende hersenweefsel. Meestal is de hersenbeschadiging zeer beperkt.
Indien reparatie van het ligament met behulp van een hechting niet mogelijk is, wordt er gekozen voor een Brunelli plastiek. Bij een Brunelli plastiek wordt een deel van een buigpees gebruikt om de functie van het SL ligament te herstellen.
De LET-procedure versterkt de laterale structuren van de knie, helpt rotatiebewegingen te stabiliseren, en biedt extra bescherming na een voorste kruisband reconstructie, vooral voor sporters met een hoog risico op herblessure.
Het anterolateraal ligament (ALL) is een klein gewrichtsbandje aan de buitenzijde van de knie. Het helpt de voorste kruisband om de knie te stabiliseren. Bij een voorste kruisband scheur is het anterolateraal ligament dan ook vaak gekwetst.
Wanneer iemand een Weber C breuk heeft zit het een hoger in het kuitbeen boven het enkelgewricht.
Het klinisch onderzoek van een traumatisch pijnlijke knie is vaak moeilijk. Om deze reden wordt de Segond-fractuur beschouwd als een nuttig teken voor de diagnose van ACL-rupturen. We rapporteren een ongewoon geval van een geïsoleerde Segond-fractuur zonder ACL-ruptuur (of andere interne verstoring).
Een collumfractuur is een breuk in de dijbeenhals vlakbij het heupgewricht. Deze breuk wordt operatief behandeld met een kophalsprothese. Deze prothese bestaat uit een kop en steel van metaal. De steel wordt in de schacht van het dijbeen aangebracht.
Smithfractuur vs.
Bartonfracturen lijken op Smithfracturen: ze ontstaan meestal door een val op uw pols wanneer deze gesloten of gebogen is. Maar bij Bartonfracturen staan uw gebroken botten omhoog of weg van uw handpalm .
Een gebroken kuitbeen noemt men ook wel een fibula fractuur. Het onderbeen is opgebouwd uit twee belangrijke botten: het scheenbeen (tibia) en het kuitbeen (fibula). Dit kuitbeen bevindt zich aan de buitenzijde van het onderbeen en loopt van het kniegewricht tot aan de buitenste enkelknobbel.
Wat is een scaphoidfractuur? Een scaphoidfractuur is de medische naam voor een breuk van het scheepsvormige polsbotje (scaphoid). Van alle handwortelbotjes is dit bot het meest vaak aangedaan. Bij tweederde van alle scaphoidfracturen zit de breuk in het middelste deel van dit botje.
Tekortkomingen zijn onder meer beperkt hyaline herstelweefsel, variabel herstelkraakbeenvolume, subchondrale botveranderingen, functionele achteruitgang bij sommige patiënten en onduidelijke werkzaamheid op lange termijn . Ondanks de beperkingen is microfractuur nog steeds de meest gebruikte kraakbeenhersteltechniek.
Met name bij veel patiënten ouder dan ongeveer 50 à 60 jaar heeft een operatie weinig zin, omdat er op die leeftijd meestal ook al slijtage is van het kraakbeen. De pijnklachten komen dan voornamelijk daarvan en niet van de gescheurde meniscus.
Het kniegewricht wordt gevormd door het onderste uiteinde van het dijbeen (femur) en het bovenuiteinde van het scheenbeen (tibia): het femorotibiaal gewricht; de voorzijde van het onderuiteinde van het dijbeen heeft een groeve waarin de achterzijde van de knieschijf (patella) glijdt: dit is het patellofemoraal gewricht ...
Na ongeveer een week of twee is de ergste pijn meestal voorbij. Wat er vervolgens gebeurt, is dat het gebroken bot en het omliggende zachte weefsel beginnen te genezen. Dit duurt een aantal weken en de pijn die u tijdens deze fase kunt ervaren, wordt subacute pijn genoemd. De laatste fase van pijn is chronische pijn.
Bij een zogenaamde chipfractuur is er een klein plat fragmentje van de tand afgebroken.