Onder de appelboomOost-Indische kers doet het hier in de regel prima en beschermt de boom tegen blad- en wolluis. Goudsbloemen en Afrikaantjes hebben een gunstige invloed op het bodemleven. Je kunt ook in het najaar narcissenbollen in de grond stoppen.
Het vruchtbeginsel is het onderste, verdikte deel van de stamper. Het stengeltje van de bloem verhardt tot hout en wordt het steeltje van de appel. In het kroontje aan de bovenkant van de appel – die wij vaak zien als onderkant – zie je nog steeds de overblijfselen van de kelkbladen en de meeldraden.
Door de bodem onder jouw fruitboom te bedekken met een dunne laag organisch materiaal of mulch stimuleer je het bodemleven en verbetert de vochtvoorziening. Bovendien is mulch een ideale voedingsbron voor jouw fruitboom en voorkom je competitie met de ondergroei.
Het jaar daarop kun je kruiden onder de fruitboom aanplanten. Plant dan bij voorkeur kruiden die goed groeien op een wat klakrijke grond: want dat is wat een fruitboom het liefste heeft als ondergrond. Bijvoorbeeld oregano, bieslook, marjolijn of tijm zijn goede keuzes.
Onder de appelboom
Goudsbloemen en Afrikaantjes hebben een gunstige invloed op het bodemleven. Je kunt ook in het najaar narcissenbollen in de grond stoppen. De bollen weren woelratten en geven in het voorjaar veel kleur, als de boom verder nog kaal is.
Breng een mulch van bladeren, snoeiafval of compost aan onder je fruitboom. Door de bodem te bedekken met een dunne lage organisch materiaal stimuleer je het bodemleven en verbetert de vochtvoorziening. Bovendien is een mulch een ideale voedingsbron voor je fruitboom en voorkom je competitie met de ondergroei.
Narcissen, boerenwormkruid, goudsbloem en hysop weren ook appelboomplagen. Wanneer bieslook wordt gebruikt als appelbegeleider, helpt het appelschurft te voorkomen en herten en konijnen af te schrikken; maar wees voorzichtig, want het kan zijn dat bieslook het bed overneemt.
Om veel appels aan uw boom te krijgen heeft u ”kortloten” nodig. Wat zijn kortloten? Dit is het bloesemhout. Dit zijn korte takjes met veel bloemknoppen en weinig groeiknoppen.
Als ik een groenbemester in een boomgaard zou gebruiken, zou ik een laaggroeiende aanbevelen, zoals een laaggroeiend gras- en peulvruchtenmengsel . Ik vind een peulvrucht- en grasmengsel fijn omdat de peulvrucht helpt bij de stikstofbinding en de stikstofproductie, en de grassen hebben iets diepere wortels.
Verse mest zoals verse paardenmest of kippenmest mag nooit gebruikt worden bij fruitbomen. Hoewel deze meststoffen ideaal kunnen zijn voor een groentetuin zijn deze echt te scherp voor fruitbomen en bessenstruiken en resulteert dit vrijwel zeker in wortelverbranding.
Goede combinatie. Het combineren van een appelboom en een perenboom is gunstig. Ze veroorzaken bij elkaar geen ziekten en kunnen samen groeien zonder problemen. Hun nabijheid biedt wederzijdse beschutting, wat gunstig is voor gezonde groei en vruchtzetting.
Wanneer moet je een appelboom snoeien? Om appelbomen gezond te houden, kun je de boom het best twee keer per jaar snoeien: Aan het eind van de winter, tussen eind januari en eind maart, snoei je dikke, oude takken weg. Daarbij spaar je de kortloten; dit is bloesemhout waaraan de appels groeien.
Onder appel staan betekend dat de hond terugkomt wanneer deze wordt teruggeroepen of teruggefloten onder alle (afleidende) omstandigheden. Dit is belangrijk voor zowel de veiligheid van jou, van de hond én van andere personen en dieren in de omgeving.
De kelk is het resterende deel van de appelbloesem dat zich aan het uiteinde van de appel bevindt, tegenover de steel.
Bovendien zijn planten zoals aardappelen, tomaten en pepers slechte metgezellen omdat ze veelvoorkomende ziektes delen, zoals meeldauw, die zich kunnen verspreiden naar uw appelbomen. Zwarte walnotenbomen moeten ook worden vermeden omdat ze juglone vrijgeven, een chemische stof die giftig is voor appelbomen.
Houtsnippers kunnen erg nuttig zijn voor fruitbomen . Veel kwekers strooien houtsnippers over de wortels van hun bomen, en vaak doen ze dit in het vroege voorjaar. Mulchen met houtsnippers heeft veel bekende voordelen: Houtsnippers houden vocht vast in de grond, zodat boomwortels er toegang toe hebben.
Naast snoeien wordt in de winter ook tijd vrijgemaakt om 'oude' bomen te vervangen door nieuwe bomen. Een appelboom gaat tussen de 12 en 15 jaar mee. Een perenboom gaat langer mee, 25 tot 30 jaar. Dan wordt de productie minder en ook de kwaliteit van de vruchten.
Waldsteinia (goudaardbei)
Dit maakt de goudaardbei geschikt om te planten onder een boom. De Waldsteinia wordt ongeveer 20 cm hoog en is zeer winterhard. Ook blijft deze bodembedekker het hele jaar groen.
Geef appelbomen in het vroege voorjaar een algemene meststof met een hoog kaliumgehalte, zoals Vitax Q4 of bloed-, vis- en beendermeel . Strooi een handvol per vierkante meter/yard rond bomen die in kale grond groeien, en anderhalve hand rond bomen die in gras groeien.
Kalk is onontbeerlijk voor fruitbomen. Het maakt dat de wortels de voedingsstoffen beter en sneller opnemen, en verbetert de structuur van de bodem. Niet elke bodem bevat voldoende kalk, ook dat kun je alleen weten na een bodemanalyse.
Geschikte planten voor een boomspiegel zijn bijvoorbeeld vrouwenmantel (Alchemilla mollis), ooievaarsbek (Geranium), schoenlappersplant (Bergenia 'Winterglod') en hartlelie (Hosta lancifolia), maar ook bolgewassen zoals sneeuwklokjes (Galanthus), de boshyacint (Hyacinthoides) en de prairielelie (Camassia).
Bestuiving. De meeste appelrassen hebben kruisbestuiving nodig om appels te laten groeien. Dat betekent dat er een ander appelras nodig is voor een goede bevruchting. Ook zelfbestuivende rassen geven meer vruchten als er daarnaast kruisbestuiving plaatsvindt.