Een baby hapt in het gezicht of de huid om contact te maken, troost te zoeken, of uit honger/huidhonger. Het is een vorm van onderzoek en hechtingsgedrag. Ook kan het een onwillekeurige reactie (groeistuipje) zijn of een imitatie van emoties. Zorgwijzer +4
Je baby zoekt troost bij jou
Ben jij altijd degene waar je baby het eerst naar grijpt als hij of zij bang is of pijn heeft? Dan is dat een teken van vertrouwen. Het laat zien dat je je kind al meerdere keren hebt getroost op onrustige momenten, waardoor je baby nu weet dat het bij jou veilig is.
Alarmsignalen bij een baby zijn onder meer sufheid, ademnood (benauwd, kreunen, neusvleugelen), ongewone huidskleur (grauw, blauw, bleek), niet willen eten/drinken, projectielbraken, groen braaksel, ontroostbaar huilen, en vlekjes die niet wegdrukbaar zijn (petechiën); bel direct de huisarts bij ernstige symptomen zoals koorts bij een baby < 3 maanden, of tekenen van uitdroging. Let vooral op afwijkend gedrag, moeite met ademen, en voeding/hydratatie.
In de fasen 2, 3, en 4 kun je vaak je kindje zonder problemenaan de borst brengen. Als je baby zich vlak bij jou bevindt, zal hij zoekende bewegingen gaan maken. In elk van deze drie toestanden kun je hongersignalen opmerken.
Als reflex op een sterke emotie kunnen kinderen ineens een tijdje hun adem inhouden. Dit noem je een breath holding spell. Je kind kan hier niets aan doen, het gebeurt vanzelf. Meestal duurt zo'n aanval een halve tot een hele minuut en je kind kan er bleek of blauw van worden en flauwvallen.
De eerste signalen van een benauwdheid zijn over het algemeen: hoesten, piepen, snel ademen en een snelle hartslag. Eten en drinken gaat vaak moeizaam, en het kind is humeurig of wil niet spelen.
Symptomen van oververhitting bij een baby zijn onder meer een warme, rode huid, zweten, snelle ademhaling, onrustig of juist sloom gedrag, minder drinken, droge mond, koude armen en benen, en donkere urine of minder plassen. Ernstigere tekenen zijn sufheid, verwardheid, braken, diepliggende ogen, en in extreme gevallen een zeer hoge lichaamstemperatuur, waarbij direct 112 gebeld moet worden. Belangrijk is te voelen aan de nek of het hoofdje; bij een klamme, zweterige nek is de baby te warm.
Natuurlijk kan bij een baby die tandjes krijgt het bijten voorkomen, omdat het zijn pijn wil verlichten. Zodra de tandjes zich aankondigen, doet het tandvlees pijn. En dan wordt er graag op iets gekauwd. Tijdens het geven van borstvoeding kan dat dan ook weleens de tepel zijn.
Een overprikkelde baby huilt veel, is onrustig, schrikt snel, slaapt slecht (korte hazenslaapjes), wil niet troosten, en kan overstrekken, wild bewegen (armen maaien, benen optrekken), en heeft moeite met eten of spuugt vaker. Deze symptomen wijzen op een overvolle 'emmer' van zintuiglijke informatie, waardoor de baby zich overweldigd en gestrest voelt.
De "Cry It Out" (CIO) methode is een slaaptraining waarbij ouders hun baby laten huilen om zelfstandig in slaap te leren vallen, zonder directe troost zoals wiegen of voeden, met de gedachte dat het kind leert zichzelf te reguleren. Er zijn verschillende varianten, zoals de "controlled crying" methode waarbij ouders na oplopende intervallen kort troosten, maar de pure CIO laat het kind helemaal alleen. Hoewel het voor vermoeide ouders soms een uitweg lijkt, zijn er zorgen over langdurige stress en mogelijke negatieve impact op hechting en zelfregulatie, met alternatieve, mildere methoden die de voorkeur hebben.
Symptomen van autisme bij baby's en peuters kunnen zijn:
Probeer uw kindje niet met twee handen onder de oksels op te pakken, hierbij kan het kindje gemakkelijk overstrekken. U kunt het kindje beter oppakken door één hand op de buik van de baby te leggen en het kindje op die hand te draaien. Doe dit niet te snel, zodat uw baby niet wordt overvallen.
De "10 minuten methode" verwijst meestal naar een vorm van slaaptraining voor baby's (de 5-10-15 min methode) waarbij je de wachttijd tussen het reageren op huilen steeds opbouwt, of naar een productiviteitstechniek om taken te starten door er maar 10 minuten aan te werken,. Bij de baby-methode (5-10-15) kijk je eerst na 5 min, dan na 10 min, en dan 15 min, om het kind te leren zichzelf te troosten; bij de productiviteitsmethode werk je 10 min aan een uitgestelde taak en mag je stoppen, waardoor het drempelverlagend werkt.
Je moet kinderen niet zeggen dat ze "stom," "vervelend," "niet huilen," of "zoals je broer/zus" zijn, omdat dit hun zelfbeeld schaadt; vermijd ook ""Omdat ik het zeg"" en ""Ik doe het wel even"" omdat dit autoriteit ondermijnt en onafhankelijkheid belemmert, focus op het gedrag in plaats van de persoon en erken hun gevoelens in plaats van ze te bagatelliseren.
Tekenen van een intelligente baby zijn onder andere vroeg en veel wakker zijn, snelle ontwikkeling (lopen/praten), intense alertheid en oogcontact, een groot observatievermogen, minder slaapbehoefte, en een sterke eigen wil en nieuwsgierigheid, vaak met een uitgesproken focus en het snel leggen van verbanden. Deze kenmerken wijzen op een ontwikkelingsvoorsprong, maar zijn geen garantie voor hoogbegaafdheid; ze zijn vooral indicaties van een vroege en snelle cognitieve ontwikkeling, gekoppeld aan gevoeligheid en soms overprikkeling.
Maar tussen de negen maanden en het eerste levensjaar zal je baby zijn eerste kus aan je geven. Dit kan nog wel wat onhandig overkomen. Hij zal jou eerst kopjes geven, net als een kat. Het is nog geen smakzoen: een baby drukt zijn open mond aan tegen je wang.
Een typerende opmerking over de babyperiode van hoogbegaafden, is dat ze als baby heel wakker uit hun ogen keken; je kon ze bijna zien denken. Een andere teken van begaafdheid bij zuigelingen is hun behoefte aan mentale prikkels. Het is niet vreemd als deze baby's overdreven druk worden bij gebrek aan deze prikkels.
Als we moesten kiezen, dan zijn de maanden twee tot en met vier voor de meeste ouders het zwaarst. De combinatie van langdurig slaapgebrek, toenemende huilerigheid en ontwikkelingsveranderingen maakt deze periode bijzonder uitdagend. Het is echter belangrijk om te onthouden dat elke baby (en elke ouder) anders is.
De 5-8-5-regel is een zachte methode om baby's gemakkelijker in slaap te laten vallen: 5 minuten de baby met het gezicht naar buiten vasthouden terwijl je rustig loopt . 8 minuten gaan zitten met de baby in je armen . 5 minuten na het overzetten om de baby tot rust te laten komen voordat je ingrijpt .
Als je baby blij is, kruipt hij of zij ook in elkaar, maar dan van plezier. Je kunt plezier ook zien aan het gezicht en horen aan de geluiden die je baby maakt. Als je baby ontspannen is, is zijn of haar lichaam recht en zijn de handjes open.
Groeit nauwelijks of valt af. Heeft weinig sterk geconcentreerde urine en minder ontlasting die donker en vaak hard is. Huilt zwakjes of juist met een hoge schelle stem. Of: juist “heel tevreden” (stille ondervoeding)
Te harde of teveel verschillende geluiden maken onrustig. Maar van bijvoorbeeld zachtjes neuriën of praten wordt je baby juist rustig. Fel licht of felle kleuren kunnen extra prikkelen. Kies voor zacht licht en zachte kleuren en vermijd drukke prints en patronen.
Wat is de 5-3-3-regel voor babyslaap? De 5-3-3-regel is een richtlijn voor het structureren van het slaapschema van een baby: 5 uur wakker zijn vóór het eerste dutje, 3 uur wakker zijn vóór het tweede dutje en 3 uur wakker zijn vóór het slapengaan .
Voel aan de nek: De nek is de beste plek om te controleren of je baby warm genoeg is. Voelt de nek klam of zweterig aan, dan is je baby waarschijnlijk te warm. Voelt de nek koel aan, kies dan voor een extra kledinglaag. Controleer op zweten: Zweet op het voorhoofd of natte haartjes kunnen wijzen op oververhitting.
Je moet je baby nog steeds regelmatig controleren om te zien of hij of zij het niet te warm heeft. Voel hiervoor aan de borst of de nek van je baby (de handen en voeten van je baby zijn meestal koeler, wat normaal is). Als de huid van je baby warm of zweterig is, verwijder dan een of meer lagen beddengoed of dekens.