In het studiejaar 2024-'25 studeren er ruim 1,19 miljoen mensen in het hoger onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs (mbo) in Nederland. Dit bestaat uit ongeveer 727.400 hbo- en wo-studenten (voltijd en duaal) en circa 466.800 mbo-studenten. Het totaal aantal studenten aan universiteiten bedraagt 340.088. OCW in cijfers +2
In studiejaar 2021/'22 stonden ruim 1,3 miljoen Nederlandse en buitenlandse studenten ingeschreven bij een mbo, hbo of universiteit in Nederland. De mbo'ers vormden met 38 procent de grootste groep studenten.
Meer jongeren op het hbo en de universiteit dan vroeger
Van de 25- tot 35-jarigen heeft 54 procent een hbo-opleiding of de universiteit afgemaakt. Bij de 15- tot 25-jarigen is dat 14 procent. Dat komt omdat zij vaak nog bezig zijn met een opleiding.
In studiejaar 2022/'23 waren er bijna 123 duizend internationale studenten in Nederland. Dat is 15 procent van alle studenten aan een hbo of universiteit. Studenten kunnen een bachelor- of een masteropleiding volgen in het hoger beroepsonderwijs (hbo) of het wetenschappelijk onderwijs (universiteit).
In Nederland haalt gemiddeld tussen de 92% en 95% van de vwo-leerlingen hun diploma.
Ja, VWO (Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs) is moeilijker dan HAVO (Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs) omdat het dieper ingaat op de lesstof, meer abstract denken vereist, een hoger tempo heeft en een grotere nadruk legt op zelfstandigheid en analytische vaardigheden, wat leidt tot meer inzichtvragen op toetsen dan bij HAVO. VWO bereidt voor op de universiteit, terwijl HAVO meer gericht is op het HBO, wat de verschillen in complexiteit en studiemethoden verklaart.
Uit de cijfers die de UvA toestuurde blijkt dat studenten met een hbo-propedeuse het helemaal niet zo slecht doen: 53 procent heeft na 4 jaar studie het bachelordiploma gehaald, tegen 55 procent van de vwo'ers.
In het schooljaar 2024-2025 was inmiddels 16,6% van de studenten in Nederland afkomstig uit het buitenland. Op de universiteiten is dit aandeel iets hoger: 27,2% van de universitaire studenten is internationaal. Bij hogescholen bedroeg dit percentage 8,6%[iv].
Demografische verschillen: Het percentage schoolverlaters varieert aanzienlijk per ras en geslacht. Zwarte en Latijns-Amerikaanse studenten hebben een grotere kans om school te verlaten dan Aziatische en witte studenten. Vrouwen behalen over het algemeen een hoger diploma dan mannen.
Daarnaast kozen er minder vwo-gediplomeerden (65,7 procent) voor een universitaire opleiding. Vorig jaar was dit aandeel 66,5 procent en de jaren daarvoor tussen 72 en 75 procent. Het aandeel vwo'ers dat naar het hbo gaat, stijgt licht en het lijkt erop dat meer vwo'ers een tussenjaar nemen.
Ja, de universiteit wordt over het algemeen als moeilijker ervaren dan het VWO, voornamelijk door de grotere zelfstandigheid, het hogere studietempo, de abstractere stof, de hoeveelheid Engelstalige literatuur en de noodzaak voor meer discipline, hoewel het eerste jaar de grootste overgang vormt, zo blijkt uit reacties van studenten en studiekiezers.
Oud-studenten hebben een gemiddelde studieschuld van 18,8 duizend euro, 800 euro meer dan in 2024. In 2025 bedraagt de schuld van huidige studenten gemiddeld 16,7 duizend euro, en is daarmee 400 euro lager dan een jaar eerder.
De provincie Utrecht kent het kleinste aandeel laagopgeleiden (20,6%). De Randstad kent het laagste aandeel van de bevolking met middelbaar opleidingsniveau. Het aandeel middelbaar opgeleiden is het hoogst in de provincies Fryslân en Zeeland, respectievelijk 43,5% en 43,3%.
Ongeveer 2,4% van de Nederlandse bevolking heeft een Marokkaanse herkomst, wat hen tot een van de grootste niet-westerse bevolkingsgroepen maakt, na Turken. Hoewel exacte cijfers variëren, laten data zien dat Marokkanen significant vertegenwoordigd zijn in de grote steden, zoals Amsterdam en Utrecht, waar hun aandeel in de lokale bevolking hoger ligt dan het landelijk gemiddelde, zo blijkt uit een NIDI-rapport.
Talen als Chinees, Japans of Arabisch zijn niet alleen taalkundig anders – ze vragen ook om een culturele omslag. Je leert niet alleen woorden, maar ook nieuwe manieren van denken en communiceren. Daarom worden deze talen als moeilijk beschouwd, zelfs door ervaren taalleerders.
Het aandeel hoogopgeleiden groeide sneller voor vrouwen dan mannen en in 2021 hadden vrouwen vaker een hbo- of universitair diploma dan mannen. Van de vrouwen was 27 procent in 2013 hoogopgeleid; in 2021 was dit toegenomen tot 36 procent. Bij mannen gaat het om een toename van 29 naar 35 procent.
Mensen stoppen het meest met studies in het HBO, met name in de sectoren Gedrag & Maatschappij en Onderwijs, en op de universiteit vaak bij Taal & Cultuur, vaak door een combinatie van onderschatting van de zwaarte, verkeerde studiekeuze en tegenvallende vakken, waarbij HBO Rechten een extreem voorbeeld is met >70% uitval. De uitval is het hoogst in het eerste jaar, met grote verschillen per sector en vooropleiding.
Het percentage meisjes van Generatie Z dat de middelbare school voortijdig verlaat, ligt iets meer dan de helft lager dan dat van Millennials (4,4% tegenover 8%).
In het onderwijs worden vier typen leerlingen onderscheiden : visuele, auditieve, lees-/schrijf- en kinesthetische leerlingen .
€10.000 studieschuld is relatief laag en wordt door veel studenten opgebouwd, met de grootste groep die minder dan €10.000 heeft. Hoewel het gemiddelde hoger is (€17.800 in 2025), is het een beheersbaar bedrag met gunstige terugbetalingsvoorwaarden, maar het verlaagt wel je maximale hypotheek met ongeveer dezelfde hoeveelheid.
Amsterdam is de stad met het hoogste aantal internationale studenten in Nederland, namelijk 23.231. Economie is de populairste studierichting onder internationale studenten in Nederland, met 32.422 studenten. Volgens de meest recente statistieken studeren er 19.285 Nederlandse studenten in het buitenland.
Belangrijke problemen zijn het woningtekort, de verslechterende Nederlandse taalvaardigheid en de concurrentie tussen internationale en Nederlandse studenten bij de toelating tot opleidingen.
De zwaarste hbo-opleidingen waar je heel hard voor moet werken om een hbo-diploma op zak te hebben zijn: Bouwkunde, Chemie, Civiel techniek, Electrotechniek, Informatica, Mondhygiene, Pedagogiek, Tolk (-vertaler), Psychologie.
Ja, het hbo is anders en doorgaans veel diepgaander en theoretischer dan MBO niveau 4, wat het voor veel studenten uitdagender maakt door het hogere tempo, de grotere zelfstandigheid, en de behoefte aan meer zelfstudie en inzicht in complexe theorieën, hoewel het juist die MBO-ervaring je een voorsprong kan geven in het toepassen van kennis in praktijksituaties. Het is niet per se moeilijker, maar vraagt een andere manier van studeren, meer verantwoordelijkheid en minder begeleiding.
De gemiddelde leeftijd van hbo- en wo-studenten bedraagt 22,4 jaar, waarbij studenten aan een hogeschool gemiddeld 22,1 jaar en universitaire studenten gemiddeld 22,8 jaar zijn. Internationale hbo- en wo-studenten zijn gemiddeld 6 maanden ouder dan Nederlandse hbo- en wo-studenten.