Het verschil tussen A2 en B1 zit in zelfstandigheid: op A2-niveau red je je in bekende, alledaagse situaties met eenvoudige taal. Op B1-niveau kun je de taal zelfstandig gebruiken, meningen geven, en begrijp je teksten over vertrouwde onderwerpen. A2 is de basis, B1 is drempel-niveau. De TAALbrigade +4
Je kunt een officiële test afleggen die bestaat uit luisteren, lezen, spreken en schrijven (de meeste gratis online niveautests bestaan alleen uit meerkeuzevragen), of je kunt de beschrijvingen bekijken van wat je op elk niveau zou moeten kunnen en eerlijk tegen jezelf zijn over waar je jezelf bevindt.
A2 is vooral geschikt voor mensen die moeite hebben met lezen, zoals laaggeletterden. Ook mensen die Nederlands niet als moedertaal spreken (NT2'ers) kunnen veel aan A2 hebben. B1 is geschikt voor het grote publiek. Het grootste deel van de mensen in Nederland kan teksten op B1-niveau zonder moeite lezen.
Je kunt je ERK-niveau voor een bepaalde taal te weten komen door een taaltest te doen die is afgestemd op het ERK. Je score op die test wordt gegeven in termen van de ERK-niveaus A1, A2, B1, B2, C1 en C2. Hoe nauwkeurig zijn taaltesten?
Een havo-leerling begint normaliter in klas 1 met Engels op A2 niveau (ERK) en zou gedurende de havo opleiding niveau B2 moeten bereiken op leesvaardigheid (het Centraal Schriftelijk Examen toetst alleen leesvaardigheid).
CEFR level A2 (pre-intermediate)
Je kunt eenvoudige dialogen voeren, eenvoudige en directe informatie uitwisselen over vertrouwde onderwerpen en activiteiten. Je kunt korte sociale gesprekken voeren over familie en hobby's, maar je begrijpt meestal niet genoeg om het gesprek zelf gaande te houden.
Engels en andere moderne vreemde talen
Voor alle studenten op niveau 4 geldt dat zij een Engels examen moeten afleggen op niveau A2/B1.
Van laag naar hoog zijn dat: A1, A2, B1, B2, C1, C2. Deze indeling is gemaakt als hulpmiddel om iemands beheersing van een vreemde taal aan te geven.
De beste manier is om de test te doen . Een snellere manier is om met een docent te praten die je vaardigheden kan inschatten en een ruwe schatting van je niveau kan geven.
In havo 5 maken studenten de overstap van niveau B1 naar B2 in het Engels. Dit is een belangrijke fase waarin ze hun vaardigheden verder ontwikkelen.
Vergeleken met A2 is er minder begeleiding (A2-teksten bevatten vaak afbeeldingen of een zeer voorspelbare woordenschat). B1-teksten lijken meer op materiaal uit de praktijk, wat moeilijker is, maar uiteindelijk wel wat je nodig hebt .
Om vanuit het Nederlands dus bijvoorbeeld van Engels niveau A2 naar Engels niveau B1 te komen is de studielast dus zo'n 60 uur. En van B1 naar B2 zo'n 90 uur.
Wat je kunt op A2-niveau
Langzaam uitgesproken, veelgebruikte uitdrukkingen begrijpen over dingen als winkelen, familie en werk. In eenvoudige bewoordingen schrijven over onmiddellijke behoeften en familie en vrienden op een eenvoudige manier beschrijven.
Eenvoudige taal
De Rijksoverheid biedt veel informatie aan op taalniveau B1. Een grote meerderheid van de mensen begrijpt teksten op dit niveau. Maar voor 20% van de Nederlandse bevolking is taalniveau B1 te moeilijk. Denk aan de 2,5 miljoen mensen die laaggeletterd zijn.
A1 – A2: Basisgebruiker (beginnersniveau) B1 – B2: Onafhankelijke gebruiker (gemiddeld niveau) C1 – C2: Gevorderde gebruiker (expertniveau)
Nederlands B1 is 4400 woorden kennen –
Allereerst moet je voor niveau B1 4400 woorden kennen, het dubbele van de 2200 woorden die nodig zijn voor A2.
Wat zijn de Duitse niveaus A1, A2, B1, B2, C1 en C2? Er zijn 6 Duitse niveaus, vastgesteld door het Gemeenschappelijk Europees Referentiekader voor Talen (EFR) . Deze niveaus worden aangeduid als A1, A2, B1, B2, C1 en C2. De EFR-niveaus voor Duits worden algemeen aanvaard als de wereldwijde standaard voor het beoordelen van iemands taalvaardigheid.
Taalniveau B1, eenvoudig Nederlands, is niet alleen voor mensen met een lager opleidingsniveau. Ook hoger opgeleiden en professionals lezen meestal liever teksten op taalniveau B1 dan op taalniveau C1. Een tekst op taalniveau B1 leest namelijk gemakkelijker en sneller.
Gemiddeld niveau: Dit is een niveau waarop individuen eenvoudige communicatieve taken in ongecompliceerde sociale situaties aankunnen . Ze kunnen vragen stellen en beantwoorden met enige details over zichzelf en hun directe omgeving (reizen, accommodatie, eten, winkelen).
De A2-teksten worden sneller gelezen dan de B1-teksten.
Dit verschil treedt vooral op bij laagopgeleiden en mensen met een gemiddeld opleidingsniveau. Iedereen (laag, midden en hoog opgeleid) blijkt de B1-teksten net zo goed (of slecht) te begrijpen als de A2-teksten.
Volgens het CEFR kost het behalen van niveau B1 doorgaans 300-400 uur studie voor een complete beginner, en het behalen van niveau B2 doorgaans 500-600 uur cumulatieve studie voor een complete beginner. Het verschil tussen B1 en B2 bedraagt dus doorgaans 150-200 uur begeleide studie .
De top 10 moeilijkste talen varieert, maar Mandarijn Chinees, Arabisch, Japans en Koreaans staan vrijwel altijd bovenaan, gevolgd door talen als Fins, Hongaars, Thai, Russisch, Pools en IJslands, vooral voor Nederlandstaligen vanwege de totaal andere schriftsystemen, grammatica en tonen.
B1 heeft dus eigenlijk betrekking op een redelijk gevorderd niveau in een vreemde taal. Voor je leesvaardigheid betekent dat bijvoorbeeld dat je teksten begrijpt waarin hoofdzakelijk veelvoorkomende, alledaagse woorden staan, of woorden die je in je werk heel vaak tegenkomt.
De Engelse taaltoets op instapniveau 3 wordt ook wel de B1-toets genoemd . De ESOL-toets op instapniveau 3 biedt toegang tot het Britse staatsburgerschap en is een alternatief voor het behalen van een verblijfsvergunning in het Verenigd Koninkrijk.