Het is hoe raadt je het (met een -t). Omdat 'je' achter het werkwoord staat, schrijf je de stam (raad) + t. Dit komt doordat je 'je' kunt vervangen door 'hij' (raadt hij), zo meldt www.taal-oefenen.nl en Onze Taal.
Voltooid deelwoord = stam + d/t
Die bestaat uit een vorm van het hulpwerkwoord “zijn” of “hebben” en een voltooid deelwoord. De werkwoorden waarvan de werkwoordstam op een letter uit 't kofschip eindigt, krijgen een “t” erachter. Werkwoorden waarvan de stam niet op een letter uit 't kofschip eindigt, krijgen een “d”.
Het is vind jij (in een vraag) en jij vindt (in een bevestigende zin); de 't' valt weg als 'jij' achter de persoonsvorm staat in een vraag, omdat 'jij' dan het onderwerp is, terwijl 'jij vindt' correct is als 'jij' het onderwerp is dat voor de persoonsvorm staat (bv. "Jij vindt dat mooi"). De correcte vorm in een vraag is dus altijd de stam: Vind jij.
Je of jij achter het werkwoord. Laten we het werkwoord vinden eens verder onderzoeken. Als er 'je' of 'jij' achter het werkwoord staat, schrijf je ook alleen de -d. Goed: Vind je dit broodje lekker?
Het bekendste ezelsbruggetje voor werkwoordspelling is 't ex-kofschip voor de verleden tijd en het voltooid deelwoord: de letters t, x, k, f, s, c, h, p (inclusief de 't') bepalen of je een '-te' of '-d' schrijft; is de laatste letter van de stam een van deze, dan '-te', anders '-d'. Voor de tegenwoordige tijd helpt de "smurfenregel" (of 'lopen' vervangen) om te horen of een '-t' nodig is (bijv. 'hij smurft' = 'hij wordt').
Gij werdt en werdt gij zijn de correcte vormen.
Om dt-fouten te vermijden, gebruik je ezelsbruggetjes zoals het 'smurfen' of 'lopen'-principe: vervang het werkwoord door 'smurfen' (smurft) of 'lopen' (loopt) om te horen of er een 't' bij hoort (bv. 'hij smurft', 'hij loopt' -> dus 'hij werkt'). Voor voltooid deelwoorden gebruik je het 't kofschip'-principe (stam + t/d) of verleng je het woord (bv. 'het gestrande schip').
De medeklinkers uit 't kofschip, dus de t, k, f, s, ch en p, helpen je te bepalen of een zwak werkwoord de uitgang -te of -de krijgt in de verleden tijd. De uitgang -te wordt toegevoegd aan werkwoorden waarvan de stam (= het hele werkwoord zonder de uitgang -en) eindigt op een van die medeklinkers uit 't kofschip.
Simpel gezegd: het werkwoord zonder de –n of de –en. Dus in het geval van rijden is dat rijd. En juist doordat dat hetzelfde klinkt als rijdt (of zelfs als rijt), ontstaat de verwarring. Bijvoorbeeld ook bij 'onthouden' en 'opladen'.
Extra aandachtspunten en tips. Ook als de stam op een d eindigt, geldt de regel 'stam plus t': jij/u/hij/zij/het wordt / raadt / rijdt / begeleidt / bereidt / onthoudt / ontvriendt / vermijdt / verraadt, enz.
"Vind je" is correct zonder -t omdat bij een vraag (inversie) waarbij het onderwerp je/jij direct achter het werkwoord komt, de -t vervalt, zelfs bij werkwoorden zoals 'vinden' waarvan de stam eindigt op een -d (zoals in 'hij vindt'). De 't' is nodig bij 'ik vind', 'hij/zij vindt', en 'u vindt', maar niet in vragen als 'vind je?', 'vind jij?', of 'vindt u?'. Het is een specifieke regel voor de vragende vorm met 'je'/'jij'.
De correcte spelling is zoals beloofd, met een -d.
Zoals beloofd is een verkorte vorm van een formulering waarin beloofd een voltooid deelwoord is, en dus met een -d wordt geschreven. De weggelaten woorden kunnen er vanuit de context gemakkelijk bij gedacht worden.
De smurfenregel is een ezelsbruggetje om te weten of je woorden zoals 'word' of 'houd' met een 't' moet schrijven of niet. Kennen jullie 'De Smurfen' en hun smurfentaal nog? Als Grote Smurf aan Smurfin vertelt wat hij zal doen, dan vervangt hij de werkwoorden door het werkwoord 'smurfen'.
Wat is de verleden tijd van stelen? De verleden tijd van “stelen” is “stal” in het enkelvoud en “stalen” in het meervoud. Stelen is een sterk (onregelmatig) werkwoord, want de klank van stelen verandert in de verleden tijd (de e wordt a). Het voltooid deelwoord van stelen is “gestolen”.
Het correcte woord is "ik zag", de verleden tijd (onvoltooid verleden tijd) van het werkwoord 'zien'. "Zach" is geen Nederlands woord voor deze context, maar een Engelse naam (Zach), terwijl "zag" juist de juiste vorm is: 'ik zag', 'jij zag', 'hij/zij zag', 'wij zagen'.
ik suis, jij suist, hij suist, wij suizen. ik suisde, wij suisden. ik heb gesuisd.
De 9 basistypen geheugensteuntjes die in dit document worden gepresenteerd, zijn: Muziek, Naam, Uitdrukking/Woord, Model, Ode/Rijm, Notenorganisatie, Beeld, Verbinding en Spelling .
Ezelsbruggetjes voor gesprekstechnieken helpen je beter te communiceren, met bekende acroniemen zoals LSD (Luisteren, Samenvatten, Doorvragen), ANNA (Altijd Navragen, Nooit Aannemen), OMA (Oordelen, Meningen, Adviezen thuislaten), NIVEA (Niet Invullen Voor Een Ander), OEN (Open, Eerlijk, Nieuwsgierig), en DIK (Denk In Kwaliteiten). Deze helpen je om actief te luisteren, aannames te vermijden en een open, nieuwsgierige houding aan te nemen, wat leidt tot effectievere gesprekken.
Wat is 't ex-fokschaap? 't ex-fokschaap is een ezelsbruggetje dat je kind kan gebruiken om te bepalen welke letter het voltooid deelwoord of de persoonsvorm verleden tijd van een zwak werkwoord krijgt. De medeklinkers uit dit ezelsbruggetje komen overeen met de medeklinkers uit 't ex-kofschip.