Trams hebben altijd voorrang: of je nu op de fiets, te voet of met de auto bent.
Voorrang tram bij een zebrapad
Als een tram een zebrapad (voetgangersoversteekplaats) komt en er wilt een voetganger ð¶♀️ oversteken, dan moet de tram stoppen.
Wanneer heeft een tram geen voorrang? De tram moet zich aan de regels houden en dat betekent: Zijn er verkeerstekens (haaientanden, zebrapad) of verkeerslichten, dan moet een tram ook voorrang verlenen of verkeer voor laten gaan.
Nee, een tram heeft niet altijd voorrang. Wanneer een tram “alleen” haaientanden of een stopbord nadert, moet hij zich gewoon houden aan de normale voorrangsregels en voorrang verlenen aan kruisende bestuurders.
Bestuurders moeten voetgangers op of voor een zebrapad die op punt staan over te steken, voor laten gaan. Is er geen oversteekplaats, dan zijn bestuurders niet verplicht je voor te laten gaan. Uitzondering hierop zijn blinden en slechtzienden met een blindengeleidestok en personen die zich moeilijk voortbewegen.
Trams komen vooral voor in de grote steden. Een tram gaat altijd voor, behalve als deze voorrang moet verlenen. Een bestuurder van een tram hoeft dus ook niet voor te laten gaan als hij afslaat.
Een voetganger krijgt altijd voorrang bij een zebrapad. Behalve indien het hem toegestaan is door verkeerslichten, mag een voetganger zich echter niet op een oversteekplaats voor voetgangers begeven waarover een tramspoor of een eigen trambedding loopt, wanneer een tram nadert.
De tram heeft een uitzonderlijke positie in het verkeer. Bestuurders moeten voorrang verlenen aan (bestuurders van) een tram. Trambestuurders hoeven bij het afslaan bestuurders die rechtdoor gaan op dezelfde weg niet voor te laten gaan. En ook 'de korte bocht gaat voor lange bocht', geldt niet voor een trambestuurder.
Geef altijd voorrang aan trams . Wees extra voorzichtig waar een spoor de weg kruist, want trams hebben hun eigen verkeerslichten en mogen misschien rijden als u dat niet doet.
De tram is geen motorrijtuig, de tram kan niet uitwijken en ook de remweg is aanzienlijk langer dan bij een motorrijtuig.
een tram moet zich houden aan de geldende maximum snelheid, behalve op plekken waar hij geen rekening hoeft te houden met andere weggebruikers. een tram moet voorrang geven aan voetgangers die oversteken op een zebrapad. als er haaientanden op de trambaan staan, moet de tram voorrang verlenen aan kruisende bestuurders.
Artikel 49 van het RVV zegt dat bestuurders blinden die zijn voorzien van een witte stok met één of meer rode ringen voor moeten laten gaan. Dit geldt overigens voor alle personen die zich moeilijk voortbewegen. Bij mensen die zich moeilijk voortbewegen kun je denken aan voetgangers met een stok, looprek of rollator.
Het eerste voertuig van een rouwstoet valt niet onder de regeling en moet zich dus aan de normale voorrangsregels houden. Nadert u de volgauto's van een rouwstoet, dan gelden de volgende regels: Als weggebruiker moet u op een gelijkwaardige kruising voorrang verlenen aan de volgauto's van een rouwstoet.
Wat moet ik doen als er een tram achter mij rijdt? Je kan gewoon rustig doorrijden, tenzij je per ongeluk op een trambaan rijdt. Als dit het geval is dan moet je voorzichtig zorgen dat je van de trambaan afgaat. Soms zitten er tramrails op de normale rijbaan, hier mag je gewoon rijden, maar een tram ook.
Een tram heeft altijd voorrang op een gelijkwaardige kruising. Ook al komt u van rechts, u moet de tram voorrang verlenen. Wees in steden als Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag alert op trams.
Trams hebben altijd voorrang: of je nu op de fiets, te voet of met de auto bent. Ook als een tram afslaat naar links of rechts, of van links of rechts komt, heeft deze voorrang. Uitzondering: als je op een voorrangsweg rijdt en de tram niet, dan heb jij voorrang.
Let dan goed op want trams hebben altijd voorrang op alle weggebruikers, tenzij het verkeer geregeld wordt door een bevoegd persoon. Zelfs wanneer je op een voorrangsweg rijdt, fietst of wandelt, moet je de tram voorrang verlenen.
Bus en tram
Afspraken: Als de ambulance, de brandweer en de politie hun sirene en het blauwe zwaailicht aan hebben, moet je stoppen. Als een bus binnen de bebouwde kom weg wil rijden, heeft hij voorrang. De tram heeft altijd voorrang.
Een voorrangsvoertuig moet u altijd voor laten gaan. Je herkent een voorrangsvoertuig aan de tweetonige hoorn en aan het blauwe zwaai-, flits-, knipperlicht. Denk aan politie, brandweer en ambulance.
Als er geen oversteekplaats is, ben je als bestuurder niet verplicht voetgangers voorrang te geven, tenzij de voetganger blind is, slecht ziet en een blindengeleidestok gebruikt, of zich moeilijk voortbeweegt. Voetgangers moeten altijd het voetpad of de stoep gebruiken.
Elk van de drie auto's heeft dus voorrang op een andere auto, maar moet tegelijk ook voorrang verlenen.
Het is zeker niet zo dat een zone 30 automatisch een voorrang voor voetgangers inhoudt. Voetgangers hebben enkel voorrang om de rijbaan over te steken op zebrapaden. Er zijn uiteraard uitzonderingen, zoals bij een woonerf, waarbij de voetgangers de volledige baanbreedte mogen innemen.
Dit is opgenomen in de wet waar een zebrapad een voetgangersoversteekplaats (VOP) wordt genoemd. In de wet staat dat bestuurders van een auto, scooter of ander motorvoertuig een voetganger voorrang moeten verlenen bij een zebrapad. Hetzelfde geldt voor fietsers. Maar ook een zebrapad zelf is aan regels verbonden.
Wie als automobilist een uitrit verlaat, verricht zoals dat heet een 'bijzondere manoeuvre', juridisch gezien, waarbij je al het kruisende verkeer voorrang moet verlenen, ook voetgangers.